Klik hier om onze digitale nieuwsbrief te ontvangen.


Fiscale voorstellen Prinsjesdag
vrijdag 28 september 2018

Wat zijn de belangrijkste voorstellen voor particulieren en ondernemers?

In de inkomstenbelasting krijgen we te maken met wijzigingen in de berekening van de verschuldigde belasting. Deze berekening bevat veel onderlinge afhankelijkheden en de bedragen zijn nog niet definitief. Daarom geven we een samenvatting op hoofdlijnen.

We gaan naar een tweeschijventarief met een basistarief van 37,05% en een toptarief van 49,5% in 2021. Verder zal het belastingvoordeel van veel aftrekposten in stapjes worden beperkt tot het tarief van de laagste schijf. Het gaat om de hypotheekrenteaftrek, alimentatie en giften, maar ook om de ondernemersaftrek en de MKB-winstvrijstelling. De algemene heffingskorting wordt echter iets verhoogd, evenals het maximum van de arbeidskorting. In 2021 wordt de maximale arbeidskorting bereikt bij een inkomen van ongeveer € 36.000. Vanaf dit inkomen daalt de korting tot nihil bij een inkomen van iets meer dan € 100.000.

Het eigenwoningforfait gaat met ingang van 2020 in drie stapjes van 0,05%-punt omlaag. Dat geldt niet als uw woning op de balans staat van uw onderneming.

Het forfaitaire rendement 2019 voor uw vermogen in box 3 is vastgesteld. In de vermogensschijf tot en met € 71.650 bedraagt het rendement 1,94%. Van € 71.651 tot en met € 989.736 is dit 4,45%. Boven de € 989.736 bedraagt het 5,60%. Het heffingsvrije vermogen wordt € 30.360.

De energie-investeringsaftrek gaat met ingang van 1 januari 2019 van 54,5 naar 45 procent. Dat is al eerder aangekondigd.

Werkt u als vrijwilliger en ontvangt u van uw vereniging of stichting een vergoeding? Dan is deze onder voorwaarden onbelast. Het maximale onbelaste bedrag gaat van € 1.500 naar € 1.700 per jaar. 

Tip: Wilt u weten wat de voorstellen concreet voor u betekenen? We maken graag een individuele berekening. Het kan verstandig zijn te wachten totdat de bedragen en percentages definitief zijn.

Naar boven

Ondernemers met een BV
vrijdag 28 september 2018

Wat zijn de belangrijkste voorstellen voor ondernemers met een BV (DGA's) ?

Als de totale som van schulden van de DGA aan zijn eigen vennootschap meer dan € 500.000 bedraagt, wordt dat meerdere als inkomen uit aanmerkelijk belang in aanmerking genomen. Voor bestaande eigenwoningschulden aan de eigen vennootschap komt een overgangsmaatregel.

De maatregel treedt volgens het voorstel op 1 januari 2022 in werking. Het kabinet wil DGA’s zo drie jaar de tijd geven om hun excessieve schulden terug te brengen tot maximaal € 500.000 voordat zij over deze leningen box 2-heffing moeten betalen. Een echt wetsvoorstel is er nog niet, dat komt begin 2019. 

DGA’s krijgen bovendien te maken met een verhoging van dat Box 2-tarief. Nu en in 2019 is het 25%, in 2020 gaat het naar 26,25 % en in 2021 naar 26,9%. Deze staat tegenover een stapsgewijze  verlaging van de vennootschapsbelasting. Voor winsten tot € 200.000 wordt het tarief 19% in 2019, 17,5% in 2020 en  16% in 2021. Voor winsten vanaf 200.000 gaat het tarief naar 24,3% in 2019, 23,9% in 2020 en 22,25% in 2021.

De compensatietermijn voor verliezen uit het verleden gaat van negen naar zes jaar.

Uw BV kan met ingang van 2019 op gebouwen in eigen gebruik alleen nog afschrijven als de boekwaarde hoger is dan de WOZ-waarde. Nu kan nog worden afgeschreven tot 50% van de WOZ-waarde.

Tip: Als u getroffen dreigt te worden door de rekening courantmaatregel, is het goed om tijdig te bepalen hoe u de gevolgen kunt beperken. Daar helpen we u graag bij.

Naar boven

Werkgevers: bedrijfsfiets en 30%-regeling
vrijdag 28 september 2018

Wat zijn de belangrijkste voorstellen voor werkgevers?

Anders dan bij de bijtelling voor de bedrijfsauto, gelden bij de bedrijfsfiets geen uitzonderingen voor zeer beperkt privégebruik, woon-werkverkeer of fietsen die door aard of inrichting redelijkerwijs niet voor privé te gebruiken zijn.  

Een werkgever die werknemers uit het buitenland in dienst heeft, kan onder voorwaarden gebruik maken van de zogenaamde 30%-regeling. Dat is een vaste belastingvrije vergoeding voor bepaalde extra kosten van de werknemer, ongeacht de werkelijke kosten. Met ingang van 1 januari 2019 gaat de maximale looptijd van deze regeling van acht naar vijf jaar, ook voor bestaande gevallen.

Tip: Als u een werknemer uit het buitenland schoolgeld voor een internationale school vergoedt voor het schooljaar 2018/2019, dan blijft dat ook na 1 januari 2019 onbelast indien de vergoeding plaatsvindt binnen de oorspronkelijke looptijd van de 30%-regeling.

Naar boven

BTW-ondernemers
vrijdag 28 september 2018

Wat zijn de belangrijkste wijzigingen voor BTW-ondernemers?

In het Belastingplan is bevestigd dat u, als u erin slaagt om in 2018 vooruit te factureren voor diensten en leveringen in 2019, niet in 2019 wordt geconfronteerd met een naheffing van 3% BTW.

Voor kleine ondernemers kennen we de kleine ondernemersregeling (KOR). Deze wordt met ingang van 2020 sterk vereenvoudigd. Een ondernemer met een omzet van minder dan € 20.000 kan kiezen voor toepassing van de KOR. Dat betekent: geen BTW in rekening brengen aan afnemers, geen BTW-aftrek, geen BTW-aangifte en geen administratieve verplichtingen voor de BTW. Uw keuze voor de KOR kunt u slechts eenmaal per drie jaar herzien.

Wilt u per 1 januari 2020 de nieuwe KOR toepassen, dan kunt u dit vanaf 1 juni 2019 tot 20 november 2019 melden bij de Belastingdienst. Bij een melding na 20 november 2019 gaat de KOR voor u pas gelden op of na 1 april 2020.

Tip: De nieuwe kleine ondernemersregeling gaat ook gelden voor verenigingen, stichtingen en BV’s.

Naar boven

Met bestelauto naar rechter: priv
vrijdag 14 september 2018

Is een rit naar de rechtbank met de bestelbus van de baas, in een zaak over privégebruik van die bus, een zakelijke rit?

Het gerechtshof vindt de bijtelling onterecht. De Belastingdienst heeft het karakter van de rit naar de zitting pas op 15 december 2015 ter discussie gesteld, terwijl voor het overige geen dubieuze ritten zijn geconstateerd. Dat is te laat. De wettelijke regeling eist controle in de actualiteit. De regeling is erop gericht dat de Belastingdienst de werknemer en de inhoudingsplichtige binnen redelijke termijn bevraagt over een geconstateerde dubieuze rit.  

Daar komt bij dat deze rit naar de zitting, bedoeld om de bestelauto als bewijsmiddel te laten zien, redelijkerwijs niet met een fiscale bijtelling bestraft behoort te worden. De Belastingdienst handelt disproportioneel en niet in overeenstemming met de bedoeling van de bijtellingsregeling. De rechter veroordeelt de Belastingdienst in de kosten van de procedure.

Tip: Deze uitspraak is een mooi voorbeeld van corrigerend optreden door de rechter als de Belastingdienst een wettelijke regeling al te strikt toepast. De rechter laat in de uitspraak duidelijk blijken dat hij het standpunt van de fiscus volstrekt onredelijk vindt.

Naar boven

Fiscus vraagt bewijsstukken na zes jaar
vrijdag 14 september 2018

Zes jaar na uw hypotheekverhoging krijgt u een vragenbrief van de Belastingdienst: of u de bewijsstukken kunt opsturen. Wat nu?

Het enkel volgen van de aangiften in eerdere jaren brengt op zich niet mee dat belanghebbende geen bewijs met schriftelijke bescheiden meer hoeft te leveren en dat hij de stukken niet meer hoeft te bewaren. Denkbaar is echter dat na ommekomst van een zekere periode het recht van de Belastingdienst vervalt om de schriftelijke bescheiden op te vragen. Voor deze periode sluit het gerechtshof aan bij de termijn die de Belastingdienst heeft voor navordering, vijf jaar.

In 2013 was de navorderingstermijn over 2007 verstreken. De Belastingdienst heeft pas in 2013, derhalve zes jaren na de verhoging van de hypotheek, om de schriftelijke bescheiden gevraagd. Dat is te laat. Daarbij komt dat ook in de jaren daarna, in 2013 tot en met 2015 de aangiften steeds zijn gevolgd.

Tip: Volgens het gerechtshof heeft de Belastingdienst een navorderingstermijn van vijf jaar om van u als particulier bewijsstukken te vragen. Vermoedelijk zal de Belastingdienst deze kwestie nog aan de hoogste rechter voorleggen.

Naar boven

CV-fraude ontdekt: salaris terugbetalen?
vrijdag 14 september 2018

Een sollicitant krijgt een baan op basis van een vals CV. Kan de werkgever het salaris terugvorderen?

De bescherming van de werknemer als zwakkere partij in het arbeidsrecht werkt ook hier. Voor vernietiging van de arbeidsovereenkomst wegens bedrog moet de werkgever bewijzen dat deze (vrijwel) geheel nutteloos is gebleken. Als er inmiddels op basis van de arbeidsovereenkomst is gewerkt, valt dat niet mee. Volgens de rechter is de kwaliteit van de uitgevoerde werkzaamheden immers geen argument. Gewerkt is gewerkt. Dus terugvorderen van salaris is in dit geval niet mogelijk.

Let op: Helaas komt het regelmatig voor, CV-fraude. Als u de kandidaat aanneemt en deze gewoon aan het werk gaat, kunt u de arbeidsovereenkomst, als het bedrog uitkomt, niet zomaar met terugwerkende kracht vernietigen en het betaalde salaris terugvorderen.

Naar boven

Reiskostenvergoeding doorbetalen bij ziekte
vrijdag 14 september 2018

Soms omvat de loondoorbetalingsplicht van de werkgever bij ziekte ook onkostenvergoedingen. Wanneer is dat het geval?

Uit mailverkeer voorafgaand aan de indiensttreding blijkt dat partijen hebben gezocht naar een manier om het gewenste netto inkomen bij zo laag mogelijke bruto kosten te bereiken. De werkgever nam daarbij bewust een risico door een fiscaal bovenmatige reiskostenvergoeding als netto beloning af te spreken. Partijen zijn zich er steeds van bewust geweest dat tegenover de € 160,-- per maand geen reële kosten stonden. Daarmee vormt de vergoeding volgens de rechter een loonbestanddeel dat de werkgever ook bij ziekte moet doorbetalen.

Tip: Uw loondoorbetalingsplicht bij ziekte kan netto kostenvergoedingen omvatten als duidelijk was dat tegenover die vergoedingen geen echte kosten zouden staan. In zo’n geval is de vergoeding immers gewoon extra netto loon.

Naar boven

Eetcaf
vrijdag 14 september 2018

Door tegenslagen komt het bedrijf niet van de grond. Dan komt ook de fiscus nog met aanslagen.

Nu sprake is van een jarenlang negatief resultaat moet volgens de rechtbank de firmant aannemelijk maken dat uit het eetcafé objectief gezien wel voordeel is te verwachten. Dat is een vereiste voor fiscaal ondernemerschap.

De firmant voert aan dat na een verbouwing een lekkage ervoor heeft gezorgd dat de keuken niet kon worden gerealiseerd. In het bargedeelte bleven alleen de oude klanten komen. De zaak is toen regelmatig dicht geweest om toch de keuken te installeren. Het lukte niet om een terrasvergunning te krijgen. Bovendien werden voor de ingang veel fietsen neergezet. Een lekkage bij de bovenbuurman legde de keuken ook weer langdurig stil. Oude klanten bleven steeds meer weg en nieuwe kwamen er niet. Kortom, een pechscenario.

De rechtbank heeft begrip voor alle goede bedoelingen en tegenslagen maar oordeelt dat hiermee geen objectieve voordeelsverwachting wordt onderbouwd, integendeel. Er was en is dus geen fiscale onderneming. Het gelijk is aan de Belastingdienst.

Tip: Hard werken, teleurstellingen en tegenslag horen bij ondernemerschap. Het zijn echter geen argumenten om fiscaal ondernemerschap aannemelijk te maken.

Naar boven

ZZP-ers: tussenstand vervanging Wet DBA
vrijdag 6 juli 2018

Hoe staat het met de nieuwe regelgeving voor zelfstandigen en hun opdrachtgevers?

Het kabinet zal onderzoeken of en hoe met een webmodule in voldoende mate een optimum in randvoorwaarden kan worden gevonden.

Het kabinet gaat het gesprek aan met de Europese commissie over de verhouding van de arbeidsovereenkomst bij laag tarief met het Europees recht.

Het kabinet laat onderzoek doen naar tarieven, tariefopbouw en kenmerken van zelfstandigen en hun opdrachten.

Het kabinet gaat de keuzes in beeld brengen ten aanzien van de uitwerking van de criteria voor afbakening van de verschillende maatregelen, waarbij een balans wordt gezocht tussen de verschillende randvoorwaarden en gaat hierover in gesprek met veldpartijen.

Let op: Het kabinet belooft dit najaar met een nadere uitwerking te komen. We houden u uiteraard op de hoogte.

Naar boven